De ochtend begon als alle andere ochtenden. Ze opende haar ogen, rolde langzaam op haar zij om gemakkelijker op te kunnen staan, rilde toen ze de gordijnen opentrok en schoot haar voeten in de sloffen die naast het bed stonden. Daarna daalde ze de trap af, aaide in het voorbijgaan even de kat die zich om haar benen heen drapeerde – ‘goedemorgen poes! Heb je lekker geslapen?’ en gaapte hartgrondig toen ze het waterreservoir van de Senseo bijvulde.

‘Eerst een kopje koffie’ dacht ze. ‘Een mens moet toch fatsoenlijk op gang komen.’ In de vensterbank stond een ouderwetse transistorradio die ze in het voorbijgaan aangezet had en die nu zachtjes het nieuws de ether in slingerde. Ze luisterde er niet eens naar. Om je dag met ellende en narigheid te beginnen had ze allang afgezworen.

Toch spitste ze even later haar oren en ze stond op om de radio wat harder te zetten. Ineens schalden De Kinks door de keuken met hun ‘Sunny Afternoon.’

Een glimlach gleed over haar gezicht bij het horen van dit liedje. ‘Wat werd dit veel gedraaid toen!’ dacht ze terwijl ze teruggeworpen werd in 1966, het jaar waarin ze zo Godsgruwelijk verliefd was dat ze werkelijk dacht dat ze er nooit meer overheen zou komen. Samen zwommen ze klappertandend in het Nibbixwoudse openluchtzwembad, paars van de kou. Zou die jongen van toen nog wel eens aan haar denken? Zou hij zich dit liedje ook nog herinneren? Hij en zij. Waanzinnig verliefd en gelukkig. ‘Wat kon hij prachtig vertellen!’ herinnerde ze zich. Ze kon ademloos naar hem luisteren.

‘Hoe kan het eigenlijk dat het zo gelopen is?’ bedacht ze zich. ‘Ik heb hem nog een kaart gestuurd en toen.. en toen?’ Ze wist het niet meer. Het was ook niet belangrijk. Hij was haar vast allang vergeten.

————————-

Bij WE300 van Plato is het de bedoeling dat je een verhaal schrijft van 300 woorden waarin een bepaald woord – ditmaal ‘Verhalen’ – niet voorkomt.
Meer bijzondere, mooie en ontroerende verhalen vind je op: http://platoonline.wordpress.com/