De hitte was ondraaglijk. Het was alsof er een loodzware deken op hem lag en dat gevoel verdween zelfs ’s nachts niet.
‘Dit wilde je toch zo graag?’ had ze aan hem gevraagd, hem daarbij onschuldig aankijkend. ‘Je riep toch altijd dat je ooit een jungletocht door Thailand wou maken?’

God, wat was hij blij toen hij thuis was. Het bultje op zijn hoofd, dat hij na enkele dagen bemerkte, daar besteedde hij geen aandacht aan. Hij voelde het wel als hij zijn haren waste, maar ging eraan voorbij. Totdat hij de bult door zijn haren heen omhoog zag komen.
De schrik sloeg hem om het hart. ‘Een tumor’ dacht hij en boog zich voorover om de bult in het felle licht boven de spiegel te bestuderen. ‘Morgen naar de dokter’ besloot hij.

Hij werd wakker omdat hij droomde dat de bult op zijn hoofd bewoog. Hij ging rechtop zitten en knipte het licht aan. Voorzichtig bracht hij zijn rechterarm omhoog en tastte de bult af. Het klamme zweet brak hem uit. ‘Verdomme. Ik heb het niet gedroomd. Dat ding beweegt echt.’
‘Wat is er aan de hand?’ hoorde hij slaperig naast zich maar hij was opeens niet meer in staat een woord uit te brengen. Onder zijn vingers voelde hij hoe de bult op zijn hoofd zachtjes heen en weer deinde en opeens – hij zag het niet aankomen – openbarstte. Als verdoofd bleef hij zitten en probeerde de bult dicht te drukken maar dat ging niet. Honderden, duizenden kleine harige insectjes kropen uit de opening en zijn gezicht was al gauw niet meer zichtbaar.

Haar bloedstollende gegil hoorde hij niet. Het gekriebel over zijn gezicht en in zijn gehoorgangen voelde hij niet. Het enige dat hij dacht terwijl zij reutelend door bleef krijsen was: ‘ik wil nooit meer naar Thailand.’

———————–

Bij WE300 van Plato is het de bedoeling dat je een verhaal schrijft van 300 woorden waarin een bepaald woord – ditmaal ‘Spinnen’ – niet voorkomt.
Meer bijzondere, mooie en ontroerende verhalen vind je op: http://platoonline.wordpress.com/