Bron: PixabayZondag 17-05
Op tijd naar bed. Waar is de tijd gebleven dat ik ook op zondag ging stappen? Dat ik aan drie uur slapen voldoende had en maandagochtend weer keurig op tijd achter mijn bureau zat? Weliswaar als een wrak, maar toch. Nu zou ik spontaan een epileptische aanval krijgen denk ik. En dan te bedenken dat het alleen maar erger zal worden.

Maandag 18-05
Regen en wind. Ga kerstboom maar weer van zolder halen. Dit wordt verder toch niks met de lente en wat de zomer betreft durf ik allang nergens meer op te hopen.

14.25 uur. Net toen ik de deur uit wou gaan belde vriendin A. vanaf het werk.
‘Ik sta op de wc’ fluisterde ze. ‘Ik MOEST even van de afdeling af. Die man was weer zo in zijn neus aan het graven, ik zat werkelijk kokhalzend op mijn stoel.’ (Chef van A. heeft als enige bezigheid neuspeuteren, meer niet).
‘Hebben jullie de Arbeidsinspectie dan nog niet ingeschakeld?’ vroeg ik verbaasd. Ze gaan het er nu op de afdeling serieus over hebben.

Dinsdag 19-05
Wat een wind. ‘In Harlingen waait het altijd’, zei vriendin M.
‘Had de makelaar dat niet kunnen vertellen toen we hier kwamen wonen?’, mopperde ik. ‘Als ik dit geweten had…’
M. keek geschokt. ‘Dan hadden wij elkaar nooit ontmoet. En dan had je Sammetje nooit leren kennen.’
Ik keek vertederd naar Sammetje die op dat moment het oogje van zijn beertje eruit probeerde te drukken. ‘Dat was verschrikkelijk geweest’ gaf ik toe.
’s Avonds even naar Songfestival gekeken. Leuk, dat speelpakje van Trijntje. Erg charmant. Tjonge jonge.

Woensdag 20-05
Gewerkt. ’s Avonds met vriendin/collega E. naar vriendin/ex-collega M. Was heel gezellig. M. had een magnumfles rode wijn en veel lekkere hapjes, prima combinatie.

02.10 uur. Ga nu naar bed. Hoop dat ik morgenochtend niet al te moe ben, dit is veel te laat. Nog even een berichtje naar nicht gestuurd die op dit moment bij tante aan het waken is. Gaat nu heel slecht met tante.

Donderdag 21-05
God. O God. Wekker ging en ik kon wel janken. Liep als een verdoofde zombie door het huis, trilde gewoon van narigheid. Hoofd bonkte. Ga voortaan door de week geen alcohol meer drinken. Dit kan niet, dit kan echt niet. Mijn lichaam verdraagt kennelijk geen alcohol meer. Had maar 5 glaasjes op. Zelfs dat is blijkbaar al teveel.

14.45 uur. Moe belde net. Tante is er niet meer. Wist dat het zou gebeuren maar hoopte toch nog altijd op een wonder. ‘Laat tante nog lang bij ons blijven’ zei ik wel eens tegen broer. ‘Als er iemand is die daar misschien invloed op uit kan oefenen ben jij het’, maar zijn invloed was kennelijk niet zo groot. Dag lieve, leuke, grappige, creatieve, sprankelende, mooie en bruisende tante. Je was als roze champagne. God, wat zal ik je missen.

Vrijdag 22-05
Werd wakker en dacht direct aan tante. Dacht aan alle leuke momenten. Aan het rokje dat ze ooit voor me maakte toen ik 10 was. Aan de verjaardagen. Aan haar enorme steun en liefde toen mijn broertje zo ziek was. Wat heb je ons erdoorheen gesleurd toen tante. En wat vreselijk dat 3 jaar later jou hetzelfde lot beschoren bleek te zijn. Ik hoop dat je het goed hebt daarboven. Geef mijn broer een kus van me. En oma en opa natuurlijk ook.

Zaterdag 23-05
Weet niet meer wat ik heb gedaan.

Zondag 24-05
Leg net de telefoon neer, nichtje P. belde. ‘Wat denk je’, zegt ze. ‘Meld ik me vorige week ziek, de dag voor Hemelvaart. Kom ik daarna op mijn werk en hoor van ZES verschillende collega’s dat Karel zich hevig over mijn ziekmelding opgewonden had. Hij blèrde over de afdeling, tegen een ieder die het horen wou, dat ‘hij wel wist dat ik me ziek zou melden’. Omdat ‘ik dat altijd doe als er een vrije feestdag op volgt’.’
’Karel?’ zei ik. ‘Dat is toch die man die er alles voor doet om permanent afgekeurd te worden? De man die zich per definitie in de kerstperiode ziek meldt? De man die bij jullie bekend staat als matennaaier? Lieve schat, dat is een overspannen gek’ troostte ik nichtje P. ‘Je kunt hem nauwelijks serieus nemen. Karel is alleen maar een beetje sneu’.
Nichtje liet het even bezinken. ‘Je hebt gelijk’ besloot ze. Ze klonk opgelucht.

Was blij dat nichtje gekalmeerd was. Zielig, dit soort toestanden. Ben blij dat ik op mijn werk geen matennaaiers heb. Wat moet dat vreselijk zijn.

P.s.
Liever geen reactie op het verscheiden van tante. Ik ben tenslotte maar een nichtje en het zou ongepast zijn naar de directe nabestaanden.