Ik duik er zo in want ik heb de afgelopen nacht maar weinig geslapen, 4 tot 5 uur. Voor sommige mensen is dat genoeg – denken ze – maar toch schijnt dat niet zo te zijn. Volgens The New York Times kan te weinig slaap je gezondheid in gevaar brengen en zelfs leiden tot het verkorten van je leven. Churchill scheen aan 3 uur per nacht genoeg gehad te hebben – heerlijk moet dat zijn. Ik heb zelfs aan 8 uur per nacht niet genoeg.

Ik roep nu dan wel dat ik ‘op tijd’ ga slapen maar al met al is het ook alweer bijna middernacht dus waar ik het over heb is me eigenlijk een raadsel.
In principe wou ik vandaag iets stekeligs over Erik Staal schrijven – je weet wel, de Grootmeester onder de Graaiers die een bonus van 3.5 miljoen bij elkaar graaide en Vestia ontredderd achterliet – maar dat doe ik morgen wel. Of overmorgen. In ieder geval krijgt het Erik Staal-verhaal nog een enorm staartje en daar ga ik me de komende weken eens heerlijk aan verlustigen.

Straks duik ik er dus weer in en er ligt ditmaal een boek op me te wachten dat ik jaren geleden al gelezen heb maar waar ik nu weer mee begonnen ben. Het is een boek dat geschreven is door de overgrootvader van mijn dochter, Yrjo Kokko, en eens in de zoveel tijd lees ik het opnieuw.

Het boek heet ‘Pessi en Illusia’ en gaat over een elfje, Illusia, en een kabouter, Pessi. Het is een sprookje dat Yrjo in eerste instantie voor zijn 2 kinderen schreef maar ook onder volwassenen werd het boek razend populair.

Illusia is, zoals de meeste elfjes, lief en goedgelovig en gaat altijd uit van het goede. (Ik wou dat ik wat meer op haar leek. Zucht…)
Ze woonde op de regenboog maar is afgedaald naar de aarde om de wereld te leren kennen. Pessi – de naam zegt het al – is een stuk minder naïef en heeft niet zo een optimistische kijk op de wereld en vooral op volwassen mensen.

Omdat ik het eigenlijk wel leuk vind om wat aandacht aan Yrjo Kokko te besteden volgt hier een klein stukje: (misschien is het een idee om gewoon het hele boek op mijn blog te zetten? Elke week een bladzijde of 3, 4? Hmmm…. Ik zal er even over nadenken).

‘Het was een buitengewoon mooie dag. Alles zag er ook even vrolijk en blij uit, al was het heuvellandschap niet gespaard gebleven voor vernieling. Nog helderder dan anders weerklonk de roep van Cuculus. Geen wonder, want ook de koekoek had alle reden om tevreden te zijn.

Apivorus, de minister van oorlog, had Cuculus tot zijn adjudant benoemd en op zijn borst prijkte een gouden insigne: de klauw van een wespendief.
Na een poosje kwam Illusia uit de hut tevoorschijn. Haar gescheurde kleren had zij al uitgetrokken en nu strekte ze haar armen naar de zon uit, die licht kwam brengen in de donkere lichtloze winter. Het leek of ze de zon had willen omhelzen. Illusia was niet meer zo tenger en etherisch als de vorige zomer. Ze had rondere vormen gekregen en vollere trekken in haar gezicht.
————————
Illusia’s filosofie:
‘In het leven
zijn zowel wreedheid en schoonheid waarheden. Dus waarom moeten we uit deze twee waarheden altijd de lelijke waarheid kiezen? Waarom niet kiezen voor de mooie waarheid?’
————————
Het is een interessante vraag die Illusia stelt. Het antwoord heb ik niet. Vannacht kom ik er ook niet achter, dat weet ik wel.
Nu ga ik direct naar bed. Het is godverdegodver bijna alweer de volgende dag.