Ik weet gewoon niet waar ik moet beginnen met schrijven weet je dat? Er zijn zoveel dingen die ik wil vertellen maar ik heb er gewoon de tijd niet voor. Waar ik wel bij stil wil staan is het feit dat dit het tweede kerstfeest wordt zonder mijn broer. Voor hem zijn dan ook de volgende regeltjes in de hoop dat hij, waar hij ook is, ze heel misschien toch leest. Je weet maar nooit tenslotte…

Lief broertje,
Ik mis je jongen. Wij missen je. Pap, mam en ik reden vanmiddag over de Zuiderhaven en hebben een grote kaars voor je gebrand in de kerk. We zijn niet zo kerkelijk, ik weet het, maar het gaat om de symboliek. En het gevoel. Die kaars blijft 9 dagen branden en dat vinden we een prettig idee. Op die manier is het net alsof je de komende tijd nog iets dichter bij ons bent. Dat ding was 5 euro trouwens. Voor een kaars! Ik blijf het een beetje geldklopperij vinden en ik weet zeker dat jij dat ook vindt maar vooruit. Het voelt goed. Dag broertje. We denken aan je. We missen je. En we houden van je.

—————————-

Ik wou ook een soort Dickens-achtig kerstverhaal schrijven maar toen ik bezig was realiseerde ik me dat ik schaamteloos het Scrooge-verhaal aan het herschrijven was. Dat is natuurlijk een beetje idioot en nu pieker ik me suf wat voor kerstverhaal ik dan zal schrijven. Weet je wat: ik ga gewoon beginnen, ik zie wel waar het eindigt.

Voordat ik ga beginnen wil ik jullie allemaal heel prettige kerstdagen toewensen en alvast een fantastisch en mooi 2014!

Nu ga ik echt beginnen:

De kerstavond van Juf Nellie
Het was de avond voor kerst toen juf Nellie een plaid om haar benen wikkelde, de tv uitzette en een hapje nam van haar advocaatje. ‘Wat is dit toch altijd lekker’, dacht ze. ‘Ik zou hier wel een hele fles van op kunnen.’ Ze moest gniffelen om die gedachte.
‘Mijn leerlingen zouden raar opkijken als ze dat van me zouden weten’, lachte ze in zichzelf. Zoals ze daar zat, genietend van haar advocaatje, maakte juf Nellie beslist een aandoenlijke indruk.

Behalve misschien een beetje aandoenlijk was juf Nellie een nuchtere, droge, saaie vrouw. En degelijk. Alledaags. Kleurloos. Duf. Dor.
Maar juf Nellie was niet gek. Of hysterisch. Of labiel.

Daarom vroegen de mensen van het kleine dorpje zich later altijd af hoe het toch zo mis kon gaan met juf Nellie op die kerstavond. Tijdens die winter toen het vroor dat het kraakte en de mensen dag en nacht stookten om hun huis warm te houden.

‘Ik moet toch eens uitzoeken waar dat rare geluid vandaan komt’, dacht juf Nellie terwijl ze gedachteloos een bladzijde van haar boekje omsloeg. Op het knetteren van het vuur in de open haard na was er verder geen geluid in huis te horen en het was al uren geleden dat de sneeuwstorm was gaan liggen. Ze hield haar hoofd wat scheef en spitste haar oren. ‘Het lijkt wel alsof er iemand met z’n nagels over het schoolbord krast’, dacht ze. ‘Het is een irritant geluid.’

Juf Nellie ging verder met haar boek, nam een tweede advocaatje en gooide nog een houtblok op het vuur.
‘Heerlijk,’ dacht ze terwijl ze haar handen naar de vlammen uitstak. ‘Heerlijk is het om even vrij te zijn. Kerstvakantie. Even niet voor de klas staan. Even niet die op hol geslagen jeugd iets bij proberen te brengen. Ze nemen me toch niet meer serieus en ach, laten we wel wezen: het kan me feitelijk ook niets meer schelen. Het wordt volgens mij tijd dat ik met pensioen ga.’

Een paar uur later sleepte juf Nellie zich moeizaam de trap omhoog. Ze verlangde naar haar elektrische deken. ‘Daar kan ik me elke avond zo op verheugen’, dacht ze. ‘Zeker met dit weer is het een feest om in een warm bed te duiken.’
Terwijl ze de deur van de badkamer openduwde luisterde ze weer even aandachtig. ‘Dat vreemde geluid houdt maar niet op. Het lijkt echt op een soort gekras. Wat raar is dit.’

Wordt vervolgd