De spreuk van mijn blog is: ‘Toen ik met mijn blog begon was ik van plan te schrijven over belangrijke en zinvolle dingen. Dat is me tot op heden geen enkele keer gelukt’.
Dit schreef ik ooit op in een olijke bui (‘olijk’ – ook een woord waar je tegenwoordig echt niet meer mee voor de dag moet komen. ‘Wat kijk jij olijk Jantje?’ zal leiden tot afgevoerd worden in een dwangbuis volgens mij.)

Hoe dan ook: de ‘zinvolle dingen’ waar ik op hoopte te schrijven zijn tot nu toe uitgebleven. Ik constateerde het met enige gelatenheid maar besloot vervolgens me er niet druk om te maken.
‘Het is wat het is’, bedacht ik me wijs en nam nog een flinke slok wijn.
Vervolgens realiseerde ik me dat ik me misschien moet focussen. Ik ben af en toe wat chaotisch en wil zoveel duizenden dingen schrijven maar weet soms niet eens waar ik moet beginnen. Daarom dacht ik: ‘het wordt tijd dat je verder gaat met je boek’. Ik wist even niet welk boek – ik ben namelijk met tien verschillende boeken bezig 😀 maar toen dacht ik: ‘begin dan maar met het eind voor één van de boeken, van daaruit kun je misschien verder gaan.’

Dat vond ik wel een goed idee. Het eind voor een van de boeken heb ik dus al af:

‘Hijgend sloot ze de deur achter zich. ‘Nooit, maar dan ook nooit kom ik hier levend vandaan’, dacht ze paniekerig en ze zocht gehaast naar het geladen pistool waarvan ze wist dat het onder het matras moest liggen.
‘Is dit wel zinvol?’ vroeg ze zich af terwijl ze voelde hoe de adrenaline door haar lichaam raasde als een op hol geslagen jakhals die over de savanne holde. ‘Waar vecht ik eigenlijk tegen? Is het niet beter om op te geven?’

Ze had gelijk. Verzet was zinloos. Want toen de slaapkamerdeur krakend open ging en ze, zonder hem te zien, wist dat hij geruisloos haar kamer binnen geslopen was, vroeg ze zich niet eens af hoe hij zo snel de deur open had gekregen.
Geen seconde. In plaats daarvan rende ze door de openslaande deuren naar het balkon. In haar haast om buiten te komen trok ze de vitrage naar beneden en tijdens de sparteling waarin ze verwikkeld raakte had ze niet eens de kracht om te gillen.
‘Naar buiten, naar buiten’, was het enige dat ze verwilderd dacht. Meer niet. Nadat ze de vitrage van zich af had gerukt stond ze op het balkon. Ze keek naar de uitgestrekte vlakte die beneden haar lag. De wijngaard baadde in het avondlicht en in de verte hoorde ze een uil. Zelden had ze zo een mooie volle maan gezien. ‘Het is een prachtige avond om te sterven’, dacht ze. Ze hoorde zachtjes zijn voetstappen naderen en opeens werd ze overvallen door een gevoel van vage weemoed. Ze dacht aan de keuken van haar grootmoeder, de geur van haar versgebakken koekjes en ze voelde dat haar keel dik werd. ‘Het is voorbij’, dacht ze en glimlachte weemoedig. ‘Het is echt voorbij’. Toen dook ze naar beneden.

———————-

Goed, het eind is dus wel okay denk ik. Nu de rest nog. Ik ga eerst naar beneden en haal een flesje wijn van de Plus. De Huiswijn Rood Halfzoet is volgens de Consumentengids de beste uit de test én de beste koop. Ik moet toegeven: hij is niet slecht. Ik vraag me trouwens al een tijdje af of die gids nog wel objectief is. Want de Lidl en Aldi-producten komen zo ontzettend vaak goed uit de bus: HOE weet ik nou zeker dat de Consumentengids niet een uitgave is van een van deze twee supermarkten? Wie kan me dat garanderen? Ik vrees dat ik er voorlopig niet uitkom. Voorlopig doe ik het met de Halfzoete wijn van Plus. Daarna ga ik over op de ‘Kaapse Pracht’ van de Aldi. Ook al zo’n topper volgens de Consumentengids. De naam is in elk geval prima. En dat zal de smaak na het vijfde glas ongetwijfeld ook zijn.