Zondag 06-05
Lief dagboek,
23.10 uur. Terwijl ik dit schrijf zit ik in een appartement aan Mestni Trg in Ljubljana waar man en ik vanochtend om 08.15 uur aankwamen. Het zonnetje scheen en de lucht was blauw – wat zag de stad er anders uit dan drie maanden geleden toen ik hier voor het eerst kwam en er pakken sneeuw lagen! Het is één groot feest om weer hier te zijn en natuurlijk: om dochter weer te zien. Nu ga ik slapen. Het was een lange dag.

Maandag 07-05
22.40 uur. Vandaag veel gelopen en kasteel bekeken. Het was prachtig weer. Zojuist keken man en ik op de iPad even naar Nederlandse tv en vielen midden in een aflevering van Zwarte Zwanen waarbij voor de zoveelste keer uit de doeken gedaan werd hoe dat nu zit met die pensioenpotten. ‘De Diefstal van de Eeuw’, noemt oom H. het altijd. Het schijnt dat iedereen die tegen het pensioenfonds procedeert gelijk krijgt maar dan wel een geheimhoudingsverklaring moet tekenen en zelf de kosten mag betalen. Het is walgelijk.
‘Waarom pikt iedereen dit?’ vroeg ik me hardop af.
‘Omdat we geestelijk kapot geslagen zijn’ volgens man.

Dinsdag 08-05
O God dagboek. Dit is echt vreselijk. Man en ik kwamen zojuist binnen – we waren naar Bled geweest en hadden daarna overheerlijk Mexicaans met dochter gegeten – en toen we bij ons gebouw aankwamen stond er politie voor de deur. Eenmaal binnen sloeg een enorme stank ons in het gezicht. Het bleek dat onze benedenbuurman al een paar dagen dood in huis lag en nu met die hitte…. (De buurman was trouwens een natuurlijke dood gestorven).

Woensdag 09-05
08.10 uur. We gaan straks de deur uit om te ontbijten bij Slovenska Hisa waar ze heerlijke Latte Macchiato en srcambled eggs hebben. Zelfs IN ons appartement kunnen we de buurman ruiken maar zodra je de deur opendoet en de gang opgaat klappen je longen alweer bijna dicht. Toch tragisch hè dagboek, dat dit soort dingen gebeuren. Hoe kan het dat niemand hem gemist heeft? Wat zijn er toch een eenzame mensen.

22.38 uur. Ik ben verliefd op Ljubljana.

Donderdag 10-05
Deze stad is zo…beschaafd. Dat kennen we in Nederland niet. Hier rijden er geen lawaaiige scooters door de stad heen. Rijden er geen automobilisten met 800 decibel aan muziek in het rond. Is er geen opgefokte sfeer. Geen zwerfaval op straat. Vergeleken met Ljubljana is heel Nederland doorgedraaid en doorgesnoven.

Vrijdag 11-05
Zit nu in de bus op weg naar Triëst. ‘Wat een geschiedenis heeft Italië toch hè’ zei ik tegen man. ‘De Romeinen waren tenslotte ook al druk bezig met een groot Romeins Rijk te stichten’.

Dat heb ik inderdaad al vaak gedacht dagboek. Onze Grote Leiders zijn voornamelijk Grote Egotrippers.

Zondag 13-05
07.50 uur. Net wakker. Het is Moederdag en ik kan moe niet bellen. Niet verwennen. Niet knuffelen. Alleen maar in gedachten honderdmiljoen dingen tegen haar zeggen waarvan ik hoop dat ze me hoort.

23.00 uur. Toch een fijne Moederdag gehad. Dat moest van moe maar ook van mezelf.

Maandag 14-05
Naar Škofja Loka toe, prachtig stadje. Jammer dat het wat regende.

Woensdag 15-05
10.20 uur. Gisteren zijn we teruggekomen en ik moest vandaag echt afkicken. Ik wil ontbijten bij Slovenska Hisa, ik wil over de gezellige Cankarjevo nabrežje lopen, ik wil…eigenlijk wil ik misschien daar wel wonen. Ik ga dit toch eens met man bespreken. Tuurlijk ga ik Harlingen missen maar in Ljubljana waait het toch echt stukken minder.

Donderdag 16-05
Pa heeft – en dit weet ik zeker – een teken van moe gehad. Dat gebeurde tijdens het koken. Hij zette een groot, glazen deksel op de pan om zijn hapje warm te laten worden, liep weg en opeens hoorde hij een enorme knal.
‘Het deksel was in duizend stukjes ontploft’ zei hij verbijsterd.
Het deksel ken ik dagboek. Het is een dik, zwaar deksel en dat knalt echt niet zomaar uit elkaar. Ik weet het dus heel zeker: het was een teken van moe. Eindelijk.