Toen de deurbel ging stond daar een bloemenbezorger met een schitterend boeket in zijn armen. Ze was sprakeloos. Zeldzaam mooi was dit boeket en groot, zo groot!
‘Alstublieft mevrouw, een bloemetje voor u!’ grijnsde de man die de verbazing zag.
‘Voor mij?’ stamelde ze.
‘Voor u!’ grijnsde de bloemenbezorger weer. Hij drukte de bloemen in haar armen en weg was hij.

‘Zó’ zei haar man toen hij haar binnen zag komen. Haar gezicht ging schuil achter de prachtige bloemen. ‘Dat is niet niks! Van wie hebben we dit?’
‘Ik dacht dat het van jou was, voor onze trouwdag!’ lachte ze maar ze maakte een grapje. Ze had die ochtend al een lief bosje bloemen van hem gekregen. En een flesje parfum.

Ze deed een greep naar het kaartje dat tussen de bloemen hing en haar adem stokte toen ze de tekst las. Alsof er een kraan opengedraaid werd, zo snel, rolden opeens de tranen over haar wangen.

Haar man sprong op en las de tekst op het kaartje. Toen sloeg hij beschermend een arm om haar heen en huilde geluidloos mee.
Zo stonden ze enkele seconden, misschien waren het wel minuten, in de woonkamer en als de telefoon op dat moment niet gerinkeld had zouden ze er misschien nog wel langer hebben gestaan.

Het was hun dochter die op dat moment belde.
’Gefeliciteerd met jullie trouwdag lieve ouders’ riep deze. ‘Geweldig dat jullie het al zo lang met elkaar uit weten te houden!’
‘De bloemen van je broer komen net binnen’ fluisterde de moeder. ‘Wat zijn ze prachtig. Dank je wel lieverd. Dank je wel lieveling.’
‘Je moet mij niet bedanken mam!’ zei haar dochter liefdevol. ‘Ik hou me alleen aan de afspraak die ik met mijn broer heb. Je weet wat hij me op het hart gedrukt heeft: ‘als ik er straks niet meer ben dan wil ik graag dat jij mam en pap altijd even een bloemetje geeft op speciale dagen.’
Haar dochter zweeg en dacht terug aan het moment dat haar broer haar dit had gevraagd.
‘Straks ben ik er niet meer’ had hij gezegd, ‘maar zou je iets voor me willen doen? Wil je namens mij altijd een bloemetje aan mam en pap geven op bepaalde feestdagen?’
Ze had gelachen en gezegd: ‘ik stel voor dat je gewoon bij ons blijft zodat je het zélf kunt doen’ maar twee weken nadat hij dit had gevraagd was hij er niet meer.

‘Ik weet het’ zei de moeder. ‘Elke keer als we iets van hem krijgen is hij opeens weer een stuk dichterbij. Alsof hij… ik weet het niet, ik kan het niet uitleggen. Alsof mijn kind er écht even is.’

Na het gesprek zette ze de bloemen in een vaas – de grootste vaas die ze kon vinden – en zette de vaas op een klein tafeltje naast de stoel waarin ze meestal zat.

Ze pakte het kaartje en las de tekst opnieuw. Het leek zelfs op zijn handschrift.

‘Lieve mam & pap,
Zoals elk jaar mag er ook dit jaar van mij geen bloemetje ontbreken op jullie trouwdag!
Hartelijk gefeliciteerd en ik zou zeggen: maak er een leuke dag van!

Veel liefs, kus,

Jullie zoon’

Ze aaide voorzichtig de bloemen en het liefst had ze de vaas op schoot genomen om hem in haar armen te wiegen maar ze deed het niet. In plaats daarvan keek ze haar man met betraande ogen aan en hij kwam bij haar op de stoelleuning zitten.
‘Wat hebben we prachtige bloemen van onze zoon gekregen hè?’ zei hij met verstikte stem.

Ze knikte. ‘Ze zijn schitterend. Dank je wel jongen’, mompelde ze schor. ‘Dank je wel voor je mooie bloemen.‘ De tranen die zachtjes over haar wangen rolden voelde ze niet, net zomin als ze het gepraat hoorde op de televisie. Ze dacht aan haar jongen, haar kind, die in de moeilijkste periode van zijn leven tegen zijn zus gezegd had: ‘koop namens mij altijd even een bosje bloemen voor mam en pap’ en zachtjes prevelde ze weer: ‘dank je wel jongen. Ik hou van je.’

—————–

Vandaag al 15 maanden en 15 dagen – het is verdomd stil zonder jou.