‘Beste minister Timmermans,

Toen ik laatst hoorde dat u 5000 euro weggaf voor een feestje in Turkije voelde ik me opeens hoopvol gestemd. ‘Eindelijk eens goed nieuws dacht ik, en wat een geweldig initiatief!
U
wilt de Nederlandse cultuur onder de aandacht brengen in het buitenland vertelde u. En u hoopt dat deze gift – die ik feitelijk lever– bijdraagt aan een positief beeld van Nederland in de wereld. (Even een bescheiden vraagje: was het dan niet beter direct Dries Roelvink naar het door mij betaalde feestje te sturen??).

Dit soort positieve berichten geven de burger moed en hoop. Daarom, minister Timmermans, heb ik hierbij een klein verzoekje: zou u ook naar mijn bankrekening 5000 euro willen overmaken teneinde eveneens mijn beeld over Nederland wat positief bij te stellen??
Het moet geen enkel probleem zijn dunkt mij en om u de waarheid te zeggen: ik ben er ook wel aan toe om Nederland eens wat positiever te bekijken.

Daarnaast kunnen mijn vrouw en ik het goed gebruiken, aangezien door de compulsief obsessieve bezuinigingen van uw kabinet het water ons aan de lippen staat en de knip leeg is.
Ik weet ook al wat ik met die 5000 euro ga doen:  ik zet ’t apart. Zoals u weet wordt er aardig gesjoemeld momenteel met de pensioenen en is al bekendgemaakt dat er volgend jaar WEER gekort wordt omdat de zogenaamde ‘Rekenrente’ gehanteerd moet worden. (Tussen ons: we weten natuurlijk allebei wel dat er dikke beleggingswinsten gemaakt worden en dat de potten overstromen van het geld).

Met uw kleine bijdrage kunnen we misschien aan het einde van de rit stellen dat uw missie – positief beeld van Nederland – bij mij dan in elk geval geslaagd is. Tevens wil ik eraan toevoegen dat…

‘Waar ben jij in hemelsnaam mee bezig Hendrik-Jan? Het is toch veel te mooi weer om binnen te zitten?’ hoorde Hendrik-Jan Afke opeens achter zich. Hij schrok ervan – hij was zo in gedachten verzonken dat hij haar niet had horen binnenkomen. Hij keek even naar haar op. Ze had een grote zonnehoed op en zag er tamelijk verhit uit.

‘Ben je alwéér een brief aan het schrijven?’ Er klonk ongeloof in haar stem.

Hendrik-Jan Doordouwer zuchtte. Hij was net zo lekker op dreef.
‘Afke, soms moet een man gewoon even wat kwijt. Als niemand zijn mond opendoet dan gebeurt er ook niets.’
‘Ja maar lieve: denk je nu dat er wel wat gebeurt als JIJ je mond opendoet? Nee toch zeker? En bovendien: waar maak je je druk om.’
Hendrik-Jan schudde ontmoedigd zijn hoofd. Daar zat het hem. Precies. ‘Waar maak je je druk om.’ Hij hoorde het wel eens vaker om zich heen en hij was het er niet mee eens.

‘Kom lieve, schiet even op’ zei Afke terwijl ze naar de keuken liep om een glaasje water te halen. ‘We moeten nog langs het reisbureau om te boeken en ik wil ook nog bij Het Noordeke zitten. Dat is ook goed voor jou, je moet er even uit.’

Wederom zuchtte Hendrik-Jan. Reisbureau, vakantie boeken – hij had er helemaal geen zin in. Het liefst bleef hij in zijn eigen vertrouwde stadje. Met dit mooie weer was je toch al op vakantie?

Hij stond op van tafel en klapte de laptop dicht.
‘Ik wil geen weken van huis Afke, als je dat maar weet.’
‘Geen weken Afke’ herhaalde hij weer op weg naar de Simon Stijlstraat. Afke glimlachte opgewekt en zette flink de pas erin. Hendrik-Jan kreunde zachtjes. Hij zou blij zijn als hij weer terug was in Harlingen.

———-

Hendrik-Jan Doordouwer verschijnt om de week in de Harlinger Courant. Hij moppert heel wat af maar gelukkig is daar Afke die hem altijd wel weer uit de put weet te trekken. Hoewel…..