Knijpende Moeders

Bron: Pixabay

EEN keer. Precies EEN keer in mijn leven heb ik het gedaan. En nog wordt het me wel eens voor de voeten geworpen. Laatst nog, op een verjaardagsfeest. We zaten met een man of 20 bij elkaar en toen moest het toch weer even gezegd worden. En je ziet de mensen kijken en je hoort ze denken: ‘goh. Dat hadden we nou niet verwacht van dat leuke aardige vrouwtje.’ 😉

Elke aandacht die ik eraan zou besteden is me teveel dus dat doe ik dan ook niet. Meestal glimlach ik dan wat verkrampt en een beetje schouderophalend. De mensen die me goed kennen weten wel hoe ik in elkaar zit, maar die enkeling die dat niet weet is toch aan het denken gezet. Die gaat naar huis en zegt in de auto tegen de partner: ‘viel jou dat ook op? Zag je d’r kijken? Ze wist even niet hoe ze had het hé?’

Ja, kinderen kunnen je vreemde momenten bezorgen. Zo heb ik mijn arme lieve moeder ooit eens finaal voor schut gezet toen mijn broertje en ik ooit ergens te logeren waren. Heimwee had ik, direct op de eerste dag. Zelfs overdag tijdens het spelen wou ik het liefst snel weer naar mijn eigen huisje en ’s avonds, in het donker, sloeg de heimwee snoeihard toe. Klappertandend van narigheid lag ik in het donker te luisteren naar de rustige ademhaling van de andere kindjes die heerlijk sliepen en al gauw werd het me duidelijk: ‘deze nacht breng ik hier niet door.’

Ik maakte mijn kleine broertje wakker en fluisterde: ‘opstaan! We moeten naar huis!’ Slaapdronken kwam hij overeind en we pakten onze spulletjes. Manhaftig liep ik naar de woonkamer om mijn vertrek aan te kondigen (N.B.: ik was een jaar of acht!). Dat ik niet zou vertellen dat ik heimwee had mag natuurlijk duidelijk zijn. Ik bedoel: ik was een redelijk stoere meid en kon daar niet mee aankomen, ik wou geen gezichtsverlies lijden. De smoes had ik dus direct klaar toen tante Jos verbaasd aan me vroeg: ‘wat is er lieverd? Heb je heimwee? Wil je naar huis toe?’ Ze troonde me mee naar de bank en ik kreeg een glaasje limonade. Verwonderd schudde ik mijn hoofd. ‘Oh nee tante Jos, van heimwee was totaal geen sprake. Maar ik moest wel naar huis’, verduidelijkte ik met een stalen gezicht, ‘omdat ik heel erg bang was dat mama anders gekke dingen zou gaan doen.’
Nog steeds zie ik de verbijsterde blik van tante Jos voor me en dan heb ik het niet over de totale ontzetting van mijn moeder toen die het verhaal even later hoorde. Tante Jos zal nog vaak gedacht hebben: ‘hoe zat dat nou eigenlijk precies met die moeder?’ en logisch. Dat zou ik waarschijnlijk ook hebben gedacht als een logeetje in mijn huis dit tegen mij zou verkondigen!

En dat is wat mensen dus ook wel eens over mij zullen denken: ‘hoe zit dat nou precies met die moeder.’ EEN keer heb ik het gedaan. EEN keer heb ik mijn dochter vrij hardhandig bij de bovenarm beetgepakt. Waarom ik dat toen deed weet ik niet eens meer maar dat is niet belangrijk: ZIJ weet nog dat ik het deed. Ze herinnert het zich nog alsof het gisteren was en zo af en toe wil ze het er weer even over hebben. Dan hoor ik haar opeens loeihard zeggen, bij voorkeur in grote gezelschappen terwijl ze me half lachend en ook een heel klein beetje beschuldigend aankijkt:

‘Mama kneep me vroeger altijd.’

You can follow any responses to this entry through the RSS 2.0 feed. You can leave a response, or trackback from your own site.

Geef een reactie

Follow

Get every new post delivered to your Inbox

Join other followers:

%d bloggers liken dit: