Het Kopje Koffie

Toen Hendrik-Jan zondagochtend met een lichte kater wakker werd kroop hij tegen Afke aan en liet de afgelopen dagen de revue passeren. ‘Wat was het fantastisch’ dacht hij. Hij had intens genoten van The Tall Ships, het Pink Floyd project, van de kroegen, terrasjes, bandjes en het bier had hem uitstekend gesmaakt.

Hij opende langzaam één oog, keek naar de wekker en versteende. Half elf. En ze lagen nog in bed. Dit was vreselijk.

‘Afke’ siste hij. ‘Afke! Wakker worden! Het is half elf!’ Afke schoot overeind en keek Hendrik-Jan paniekerig aan. ‘O God’ murmelde ze. ‘O God.’ Hendrik-Jan stormde naar beneden.
Aan de keukentafel zat tante Ali die hem met vreemde, koude ogen aankeek. ‘Goedemorgen tante Ali!’ brulde Hendrik-Jan zo joviaal mogelijk maar het was te laat.
‘Goedemorgen’ klonk het ijzig uit de mond van tante Ali.
‘Hebt u lekker geslapen?’ vroeg Hendrik-Jan. ‘Redden wat er nog te redden valt!’ dacht hij ondertussen terwijl zijn hersenen koortsachtig overuren maakten.
‘Uitstekend’ klonk het snibbig.
‘En hebt u al koffie gehad?’ wou hij weten.
‘Nee, natuurlijk niet. Ik ga in andermans huis geen koffie zetten.’ Koeler en afstandelijker kon ze niet klinken.

Hendrik-Jan zuchtte. Tante Ali weigerde voor zichzelf een kopje koffie te zetten onder het mom van ‘bescheidenheid’. Dat had ze al vaak geroepen: ‘Ik ben zo ontzettend bescheiden – ik zal bij een ander nooit een keukenkastje opentrekken.’ Dat vond hij soms wel een beetje jammer.
Hendrik-Jan haastte zich koffie te zetten en keek naar het gezicht van tante Ali. Ze glimlachte kil. ‘Ik denk dat het beter is als ik vertrek’ begon ze en Hendrik-Jan voelde zijn schouders verkrampen.
‘Nu gaat ze je een schuldgevoel aanpraten – kalm blijven jongen’ sprak hij zichzelf bemoedigend toe terwijl hij de slagroom uit de ijskast pakte.
‘Want ik wil jullie natuurlijk niet tot last zijn’ ging ze door. ‘Ik ben namelijk een buitengewoon bescheiden mens – je kunt me vergelijken met een muisje – en ik heb het gevoel dat ik jullie behoorlijk in de weg zit.’

’Tante Ali’ zuchtte Hendrik-Jan terwijl hij het kopje koffie neerzette. ’U bent hier meer dan welkom. Alleen: Afke en ik zouden zo graag willen dat… ach, laat ook maar.’ Hendrik-Jan voelde zich opeens wat verdrietig. Hij wist dat, wat hij ook zou zeggen, het zich tegen hem zou keren. Tante Ali had nu eenmaal haar buien, dat moesten ze maar accepteren.

Toen Hendrik-Jan later met Afke op de Willemskade stond en naar de Sail Out keek werd hij overvallen door een vaag, weemoedig gevoel. ‘Kunnen we tante Ali niet in zo’n mast vastbinden Afke?’ mompelde hij terwijl hij zijn neus in Afkes blonde lokken duwde. Afke giechelde. ‘Malle jongen’ zei ze. ‘Je zou haar wát missen als ze niet meer bij ons woonde.’
Hendrik-Jan wist dat nog niet zo zeker. Maar toen hij even later de oliebollenkraam op de kermis passeerde kocht hij een grote zak oliebollen. ‘Voor tante Ali’ verklaarde hij. ‘Ze is dol op oliebollen.’

Afke grijnsde en kneep in zijn arm. Hand in hand lieten ze het feestgedruis achter zich en liepen via de stille Noorderhaven naar huis. Het rook heerlijk bij binnenkomst. Tante Ali was aan het koken. ‘We kunnen straks aan tafel jongens’ zei ze opgewekt. Opeens voelde Hendrik-Jan zich ontroerd.’Tante Ali’ riep hij terwijl hij haar de grote zak oliebollen overhandigde. ‘Ik hoop dat je altijd bij ons blijft wonen. We vinden het heerlijk met jou!’ Tante Ali glunderde en toen ze even later aan de gezellig gedekte tafel zaten, het geroezemoes buiten langzaam verstomde, hij rozig was door de rosé en het eten heerlijk smaakte wist Hendrik-Jan één ding heel zeker: de afgelopen dagen zou hij nooit vergeten.

 

 

You can follow any responses to this entry through the RSS 2.0 feed. You can leave a response, or trackback from your own site.
11 Responses
  1. appelig says:

    Gelukkig kan tante Ali wel koken, dan zou ze van mij ook wel mogen blijven. :-)

  2. Corline says:

    En wat zit er in de oliebollen? Ik snap hem wel. Ik zou er ook niet tegen kunnen, vreselijk. Ook al kan ze koken….. 😉

  3. Soms is het zo slecht nog niet he.

    Love As always
    Di Mario

  4. A van de Aa says:

    Je hebt het wel over de eerste koffie van de dag…. wanneer de ontwenningsverschijnselen het humeur bepalen.

  5. Marja says:

    Heeft ze toch het keukenkastje durven openen?

  6. ria says:

    Laatst had ik ook iemand een weekje. De hele week achter aan kunnen rennen.Eind van de week was ik aan het eind van mijn latijn, dus….tante Ali kom maar niet bij mij, of je wordt doe het zelver.:-)

    groetjes, Ria

  7. Petr@ says:

    Gelukkig dat ze lekker kan koken! Mag ze toch blijven haha.
    Ik zeg altijd als ik logees heb, ik ga je niet bedienen, alles zelf pakken!

  8. Lenjef says:

    Een mondje meer

    sommige mensen nodigen zichzelf opdringerig uit
    anderen vragen beleefd
    of je iets om hen geeft
    voor je het weet klinkt er in huis een nieuw geluid

    Om te groeien heeft wrevel echt niet veel nodig, Rebelleke. :)
    Lenjef

  9. Desire says:

    Hopelijk gunt tante Ali de volgende uitjes van Afke en Hendrik-Jan wél. Gelukkig dat ze voor hen kookt, vast een goedmakertje voor haar nukkige ochtendhumeur …;-)

  10. rietepietz says:

    Ach, Hendrik Jan is diep van binnen gewoon een watje;-)

  11. gewoonanneke says:

    Mijn vriendin kom ook regelmatig wat dagen logeren maar gaat gelukkig helemaal haar eigen gang. Ik zou doorvermoeid worden om iemand heel de dag achterna te lopen en te verzorgen. En waarom geen kopje koffie voor zichzelf zetten en wel koken, dan moet ze toch ook wel kastjes open doen. 😉

Geef een reactie

Follow

Get every new post delivered to your Inbox

Join other followers:

%d bloggers op de volgende wijze: